Over de naam Bakkenes

Met de familienaam Bakkenes geboren komt er een moment waarop je je afvraagt waarom je nu eigenlijk zo heet, wat die naam nu eigenlijk betekent. Maar helaas, mijn vader wist er geen antwoord op en mijn grootvader Bakkenes evenmin.

Toen ik als onderduiker ‘44/’45 alle boeken van Jacob van Lennep las omdat die toevallig voorhanden waren (prachtige taal!) en in diens ‘Roos van Dekama’ opeens geconfronteerd werd met ‘het jodenkerkhof op Bakenes’ bij Haarlem laaide mijn nieuwsgierigheid weer op. Het zou nog jaren duren voor ik tijd en gelegenheid vond mij daar verder in te gaan verdiepen.

Uiteraard het oude stadsdeel Bakenes intussen vaker bezocht en het mystieke gevoel ondergaan dat uit de oude stenen, het hofje, het ranke torentje van de Bakenesserkerk spreekt tot wie er voor open staat. Het verleden leeft daar!

Nog even historisch: Toen ik eens op de Grote Markt bij een kiosk vroeg om een ansichtkaart van de Bakenesserkerktoren wist de behulpzame verkoopster niet welke toren ik bedoelde. Dus zelf even gezocht en uiteraard gevonden, waarop de verkoopster: “oh, u bedoelde het koninginnetorentje, zo noem ik dat torentje altijd!”. Tja, hoe ontstaat een naam? Het zegt in ieder geval wel wat over dat mooie torentje!

Bakenes is in elk geval van zeer oude oorsprong. En kennelijk intrigeert die naam velen en vooral historici. Want er is vlijtig gezocht naar verklaringen!

  1. In het aardrijkskundig woordenboek van A.J. van der Aa, uitgegeven 1841 worden de volgende spellingen aangegeven: Bakenes, Baeckenes, Bakenisse, Baeckenesse en Bakkenesse.
  2. Jacobus Kok (ca.1785) spelt bij de vermelding der kerken te Haarlem ‘De Bakkenesser kerk
  3. In een register uit 1231 van graaf Floris V (Der Keerlen God, weet u nog?) wordt in Haarlem melding gemaakt van een hoofdhoeve en een kleinere hofstee ‘Bakenes’

Maar wat kan die naamgeving nu voor betekenis hebben? Er zijn vele verklaringen, te veel om ze hier allemaal aan te geven. In onze studie ‘Bakkenes, een Studie over Ontstaan, Genealogie en verspreiding van deze Nederlandse Familienaam’ zijn een groot aantal mogelijke verklaringen opgenomen.

Een aardige is te vinden in een zeventiende eeuw’s handschrift, geschreven door Andries Schoenmaker (1660-1735):

“De oude hebben de naam van Backen willen aflijde, doch (naam onleesbaar) is van andere gedaghten: waarschijnlijker sijt hij is de naam afkomstig van de bakens die aldaar wel eens zoude gestaan hebben, wanneer den aanleg der stad afgebakendt was (gelijk men dan gewoonlijk doet: en ik in Amsterdam sulks gesien heb in de laatste vergroting).

Want soo men vast stelt soo is de eerste aanleg der stad aan die kant begonnen of soo hij noch aanmerckt dat aan de kant van het spare een stuk lands gelegen heeft dat men de nes noemde, op welke nes een bake hadden gestelt tot waarschuwinge van de se(e) varende luijden: gelijk er nu noch in dat selfde spaaren na de kant van sparendam en ook aan de sijde van t meer daar t spaar sijn naam verliest, hieruijt nu schijnt men de naam van bakenes te willen aantonen.”

En hij eindigt met de verklaring: “dat Bakenes de wieg van Haerlem soude sijn”(!)

En er zijn nog veel meer verklaringen, zoals die van Leeghwater: Bakenes is ‘een afgeleide van Bachus’ de god van de wijn! Er zou bij Haarlem een bos hebben bestaan aan Bachus gewijd. Maar ook op het woord ‘Bak’ zijn meerdere verklaringen van toepassing.

Het verleden leent zich ook voor romantisch fantaseren en ook dat is dus niet nieuw want wat te denken van het, volgens mij, denkbeeldige slot dat eens het ‘adelijk huys Backenesse’ zou zijn geweest en door een tekenaar, eveneens in de zeventiende eeuw, werd vereeuwigd?

Het woord ‘baken’ is volgens het etymologisch woordenboek van zeer oude oorsprong en wijst doorgaans op een merkteken of waarschuwing. Dat zal mogelijk ook van toepassing zijn geweest bij het plaatsen van een ‘baken’ op het wat hoger liggende maar drassige gebied dat ook op andere plaatsen wel een ‘Nes’ of ‘Nesse’ werd genoemd (een Nes is een landtong of schiereiland) waar in dit geval het Spaarne zich omheen meandert. Ooit zal op die plaats dan een dergelijk baken zijn geplaatst. Dat kan een primitieve vuurtoren zijn geweest of een waarschuwing voor varende schepen. Het is niet uit te sluiten dat het om een aanduiding van eigendomsrecht ging. Maar ook kan er sprake zijn geweest van een baken op of bij de landtong ‘de couwe horn’ (de Koudenhoorn). Immers, eveneens en op zichzelf een soort landtong die overgaat in het gebied dat Bakenes(se) werd genoemd.

Hoe het ook zij, de Bakkenessen in Nederland houden het wat hun familienaam betreft vooralsnog maar op dat Baken op die Nes aan het Spaarne.

 

Wim Bakkenes